- Meetbereik
- Bepaald door de celconstante van de elektrode: ongeveer 0 tot 20 microsiemens per centimeter bij een constante van 0,01, tot 0 tot 600 millisiemens per centimeter bij de controller met hoge specificatie
- Nauwkeurigheid
- Opgegeven als klasse 2,0 bij de topcontroller en de controller met hoge specificatie en als 1,5 % van de volledige schaal bij de compacte controller
- Temperatuur
- -10,0 tot 130,0 °C, met automatische of handmatige compensatie
- Temperatuurelementen
- NTC10K, Pt1000, NTC30K of Pt100, afhankelijk van de controller en afgestemd op het element in de elektrode
- Stroomuitgangen
- Gescheiden, een of twee uitgangen, instelbaar over het meetbereik, met een maximale belasting van 750 ohm
- Relais
- Twee relais bij de topcontroller en drie bij de controller met hoge specificatie, waarvan het derde beschikbaar is voor een reinigingscyclus
- Communicatie
- RS485 op het Modbus RTU-protocol, met optionele draadloze overdracht via een externe module
- Display
- Een monochroom LCD-scherm van 2,8 inch bij de topcontroller en een kleurenscherm van 4,3 inch bij de controllers met hoge specificatie, dat laatste omschakelbaar tussen numerieke weergave en trendweergave
- Bescherming
- Opgegeven als IP54 bij de topcontroller en IP66 bij de controller met hoge specificatie
- Elektroden
- Contactelektroden van roestvrij staal, polysulfon, PBT en grafiet, een digitale breedbandelektrode en een inductieve elektrode voor vervuiling en geconcentreerde toepassingen
Geleidbaarheid is de enige waterparameter die kan worden gemeten zonder te weten wat er in het water zit. De parameter noemt geen ion en geeft geen concentratie, maar verandert zodra er iets oplost, waardoor het de standaardmethode is om een behandelingsproces te volgen dat juist stoffen hoort te verwijderen. Een goed werkende demineralisator meet laag; hetzelfde harsbed een dag voor verzadiging meet hoger; en een lekkage in een condensor kondigt zich aan als een stap in een getal dat vlak was.
Een online geleidbaarheidsanalysator is daarom een procesinstrument en geen laboratoriuminstrument, en het nut ervan berust erop dat de elektrode schoon genoeg blijft om het getal betekenis te geven.
Productoverzicht
Het assortiment omvat vier controllers en twee universele instrumenten, samen met een familie elektroden van ultrapuur water tot geconcentreerde pekel. De controllers verschillen in weergave, in het aantal gescheiden stroomuitgangen en relais, in beschermingsgraad en in de geboden talen, maar delen één principe: het meetbereik wordt niet door de elektronica bepaald.
Wat het bepaalt, is de elektrode. Een celconstante is de geometrische term die een geleiding omzet in een geleidbaarheid, en deze wordt gekozen op basis van het waterbereik dat de installatie verwacht. Daarom kan dezelfde controller zowel in een puurwatercircuit als in een pekelleiding worden ingezet, en daarom levert het kiezen van de controller vóór de elektrode vaak een systeem op dat juist daar ongevoelig is waar het het meest telt.
Hoe de meting tot stand komt
Een contactelektrode legt een wisselspanning aan over twee oppervlakken met een vaste oppervlakte en onderlinge afstand die in contact staan met het water, zodat de stroom die erdoor loopt een maat is voor hoe vrij de opgeloste ionen zich bewegen. De wisselende aansturing bestaat om te voorkomen dat de meting de oppervlakken polariseert, en de vaste geometrie maakt het mogelijk de aflezing als een geleidbaarheid uit te drukken in plaats van als een willekeurige stroom.
Die opzet kent aan beide uiteinden grenzen. In zeer schoon water is de stroom uiterst klein, waardoor de cel een kleine constante nodig heeft en de bekabeling van belang wordt. In vuil of geconcentreerd water vervuilen en polariseren de oppervlakken, en drift de aflezing om redenen die niets met het water te maken hebben. De inductieve cel lost het tweede geval op door twee spoelen in te kapselen en het water zelf de koppeling te laten verzorgen, wat alle bevochtigde metaal uit de meting verwijdert en daarmee ook het vervuilingsprobleem wegneemt.
In beide gevallen wordt het resultaat naar een referentietemperatuur gecorrigeerd voordat het wordt weergegeven, omdat geleidbaarheid stijgt naarmate het water warmer wordt en een niet-gecorrigeerd getal nergens mee kan worden vergeleken.
Hoe u de juiste analysator kiest
Begin bij het water en niet bij het instrument. Het geleidbaarheidsbereik dat in normaal bedrijf wordt verwacht, bepaalt de elektrode en daarmee de celconstante, en of het water een bevochtigd oppervlak vervuilt, beslist of een contactelektrode überhaupt bruikbaar is. Alles wat de controller biedt, is ondergeschikt aan die twee feiten, omdat geen enkele signaalbewerking een meting kan herstellen die de elektrode niet kan uitvoeren.
Bevestig daarna dat het temperatuurelement in de elektrode overeenkomt met wat de controller verwacht, omdat een mismatch de compensatie onbeschikbaar maakt en de aflezing onvergelijkbaar. Pas daarna is het zinvol de elektrische details vast te leggen: hoeveel uitgangen het ontvangende systeem nodig heeft, wat de relais moeten aansturen, of een registratie vereist is en of de aflezing het paneel moet verlaten.
Meetbeperkingen en selectieoverwegingen
De aflezing is een bulk-eigenschap van het water, waardoor zij geen onderscheid kan maken tussen twee opgeloste soorten en niets zegt over de biologische of chemische geschiktheid van het water voor gebruik. Het is ook de parameter die het gemakkelijkst door de installatie wordt aangetast: een elektrode die is gemonteerd waar een dood volume ontstaat, waar een luchtbel zich kan verzamelen of waar de leiding niet volledig gevuld is, meldt wel iets, en dat iets is verkeerd op een manier die op installatiegedrag lijkt in plaats van op een instrumentfout.
Het materiaal beschrijft deze faalwijzen en de uitvoeringen die ze voorkomen, wat ongebruikelijk is en wordt overgenomen omdat het het meest praktisch bruikbare deel ervan is. Twee waarden die een koper normaal zou vragen, ontbreken: de compensatiecoëfficiënt die de controllers toepassen en de levensduur van de elektroden. Zolang de coëfficiënt niet bekend is, draagt een limiet die tegen een gecompenseerde aflezing is geschreven een niet-gekwantificeerde onzekerheid, en de pagina vermeldt dat in plaats van een nauwkeurigheid te suggereren die het materiaal niet onderbouwt.
Elke onderstaande waarde komt uit de brondocumentatie. Waar een parameter niet in het beschikbare materiaal staat, wordt deze gemarkeerd als gegevens vereist in plaats van geschat.